Categoriearchief: Geen categorie

NIEUWSBRIEF, JUNI 2020

Open Monumentendag, zondag 13 september 2020
Het bestuur heeft besloten deze in fysieke zin NIET door te laten gaan. We denken nog na of een digitale vorm tot de mogelijkheden behoort.

.Den Durpsherd open?
Dinsdagmorgen 9 juni is een deel van de werkende leden via de coronarichtlijnen in Den Durpsherd weer aan de slag gegaan. Daar zijn we heel blij mee. Onder de lockdown is er toch veel werk verricht. Het is echter niet mogelijk om op dinsdagmorgen op bezoek te komen. Wanneer u dringende vragen hebt, leg dan telefonisch of digitaal contact met ons. Kijk voor verdere mededelingen s.v.p. op de website.

Algemene Ledenvergadering De Plaets
De geplande ALV van dinsdag 14 april is komen te vervallen. Er is een voorlopige nieuwe datum gepland: dinsdagmorgen 29 september van 10.00-11.30u in Den Durpsherd. Een agenda volgt.

Op de website kijken
Op dit moment zijn er 13.000 foto’s op de website te bekijken. Zeer de moeite waard. Er wordt namelijk steeds vaker gekeken en gereageerd. Wij willen dat zo veel mogelijk stimuleren.

DE NIEUWE ‘RONDOM DE PLAETS’ IS UIT

In de nieuwe ‘Rondom de Plaets’ van juni 2020 staan weer veel lezenswaardige artikelen over de geschiedenis van Berlicum en Middelrode, voorzien van vele duidelijke foto’s.

Het Poortersgoed ‘De hoeve op Noddevelt’
Kort na 1200 worden de eerste woeste gronden in Berlicum uitgegeven in het gebied van het aldaar gelegen woud aan de zuidwestzijde van de rivier de Aa. Naast een zevental grote hoeven ontstaan er na een aantal jaren een aantal arbeidershutjes, nabij een doorwaadbare plaats in de Aa, de nederzetting Middelrode, het oude centrum nabij de huidige brug. Een kleine eeuw later, rond 1300, verplaatsen de ontginningen zich ook naar de noordoostzijde van de Aa. Daar liggen woeste gronden, die zich door hun ligging bijzonder voor ontginning lenen. Aan de ene zijde is het langgerekte gebied omsloten door een hoge zandrug en aan de andere zijde een moerassig vennengebied. Het gebied krijgt de naam Noddevelt.

Alexander Münninghoff

De bekende Nederlandse schrijver Alexander Münninghoff, woonde als kind in Oost-Europa en Duitsland. Toen Alexander zeven jaar oud was, woonde hij met zijn moeder in Duitsland. Hij was door haar ontvoerd. In 1951 is Alexander opnieuw ontvoerd, deze keer naar Nederland. Daarbij speelde een echtpaar uit Berlicum een grote rol. Lees het artikel in dit periodiek of het boek ‘De Stamhouder’ over welk Berlicums echtpaar het hier gaat.

Beeldverhaal ‘Veebeek’
Aan de hand van ansichtkaarten wordt deze keer een beeldverhaal gepresenteerd over huize Veebeek. Nostalgie en herinneringen voor velen.

Groenhuiske

Over de geschiedenis van ’t Groenhuiske is al eens gepubliceerd in 2009. Nu komt het verhaal over de opgravingen en archeologisch onderzoek uit 2016. Met duidelijke foto’s en plattegronden.

Foto’s
Weer vele passende foto’s bij alle artikelen. Op de voor- en achterpagina foto’s van de opgravingen bij ’t Groenhuiske. Archeologen druk aan het werk. Ook een groepsfoto van een korfbalclub uit ongeveer 1950 waar niet alle namen van bekend zijn. Wie puzzelt mee?

Geschenk-idee

Vele boeken van de kring zijn nog verkrijgbaar. Deze boeken staan op de website. U kunt ook iemand lid of abonnee maken van heemkundekring De Plaets! Ieder nieuw lid of abonnee krijgt 4 nummers van het vorige jaar cadeau. Abonnement doorgeven aan een bestuurslid, of ook via de website www.deplaets.nl , met de knop ‘contact’. Een verzamelmap voor vier jaargangen is eveneens beschikbaar. Ook de nieuwste aanwinst, ‘Oorlogsdagboek’ van Rita Bijnen is een prachtig cadeau. Het beschrijft prachtig de laatste maanden van de oorlog van dag tot dag met alle persoonlijke belevenissen.

Foto: De wederopbouwboerderij op de plek waar de hoeve ‘Noddevelt’ stond.

 

Advies portretrecht en auteursrecht op foto’s, Brabants Heem, 26 mei 2020

De bescherming van auteursrechten op foto’s en portretrechten is wettelijk geregeld. Als gezamenlijke heemkundekringen c.q. erfgoedverenigingen houden wij ons aan de wet en gaan wij op de juiste manier om met foto’s die wij gebruiken in boeken, tijdschriften en nieuwsbrieven, op websites en sociale media en bij presentaties en tentoonstellingen.

Eigen foto’s
Op de foto’s die u zelf maakt, berust uw auteursrecht. U kunt zelf bepalen over wat u met die foto’s doet, waarvoor ze gebruikt worden en aan wie u eventueel het auteursrecht overdraagt.

Foto’s van leden
Leden maken vaak foto’s op activiteiten die de vereniging organiseert. U kunt ze vragen om het auteursrecht op die foto’s aan de vereniging over te dragen ofwel om de foto’s voor een bepaalde tijd of eeuwigdurend ter beschikking te stellen. Leg deze afspraken schriftelijk vast en bewaar deze afspraken goed.

Het komt voor dat leden in opdracht van de vereniging foto’s maken, bijvoorbeeld van de collectie of archief. Leg altijd van tevoren schriftelijk vast dat de foto’s van de vereniging zijn en dat er achteraf geen kosten voor gerekend mogen worden. Het is ook handig om afspraken te maken met de fotograaf wat hij of zij met die foto’s mag doen. Mag hij ze bijvoorbeeld verkopen?

Gekregen foto’s
Heemkundekringen c.q. erfgoedverenigingen verzamelen de geschiedenis van hun woonplaats. Daarom krijgen ze vaak foto’s aangeboden voor hun archief. Vaak is het niet bekend wie de maker is van de foto en soms ook niet wie er op staan. Noteer in ieder geval van wie en wanneer u de foto hebt ontvangen, en als dat bekend is, wie de maker van de foto is en wie de mensen zijn die er op staan. Leg hiervan een archief aan. Pas op om foto’s die nog geen 70 jaar oud zijn in een beeldbank op internet te zetten.

Auteursrecht op foto’s
Auteursrecht op foto’s vervalt 70 jaar na het overlijden van de fotograaf. Wees daarom voorzichtig met het publiceren van foto’s die jonger zijn dan 70 jaar. Plaats voor de zekerheid altijd de disclaimers:

‘Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te achterhalen. Personen of instanties die menen aanspraak te kunnen maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen met de uitgever.’

‘Op de foto’s op deze website berust copyright. Het is verboden om zonder schriftelijke toestemming deze foto’s op welke manier dan ook te gebruiken of te vermenigvuldigen.’

Foto’s van internet
Foto’s downloaden van internet is en blijft riskant, of dat nu voor een website is of voor een publicatie. Zelfs als de indruk wordt gegeven dat foto’s rechtenvrij gebruikt mogen worden, kun je daar niet altijd op vertrouwen. Fotografen hangen steeds vaker datacatchers aan hun foto’s om je, als ze merken dat je er iets mee gedaan hebt, een rekening te sturen. Dat is dan balen, zeker als je de foto nooit gebruikt zou hebben als je geweten had dat je er een rekening voor zou krijgen.

Foto’s bij persberichten
Pas ook op dat u, als u een foto bij een persbericht aan een krant of andere website stuurt, het beeldrecht goed geregeld is. Want ook al is de foto van u afkomstig, de uitgever van dat andere medium kan een rekening krijgen als hij de foto gebruikt heeft.

Portretrechten
Van een foto met veel mensen, die kunnen weten dat er bij een manifestatie foto’s worden gemaakt, hoef je niet iedereen individueel op te sporen en te vragen om goedkeuring om de foto te gebruiken. Dat geldt bijvoorbeeld voor het publiek bij een voetbalwedstrijd of dansfeest. Maar als een foto niet de focus legt op de gebeurtenis, maar expliciet een of enkele mensen in beeld brengt, dan heb je van die mensen individueel toestemming nodig om de foto te kunnen plaatsen. Leg dat als het even kan, schriftelijk vast. Het is ook raadzaam bij alle activiteiten van uw vereniging van tevoren te vragen of er mensen bezwaar hebben dat er foto’s gemaakt worden die mogelijk gepubliceerd worden in het tijdschrift, op de website of op facebook.

Rekening
Als u zich aantoonbaar aan bovenstaande spelregels houdt, dan kunt u vanuit juridisch oogpunt gerust zijn. Toch kan het zijn dat u zich vergist heeft bij het gebruik van een foto en een rekening krijgt van een fotograaf. Blijf dan rustig en laat u niet intimideren. Biedt ook niet meteen uw verontschuldigingen aan, want dat staat gelijk aan schuld bekennen. Zoek eerst uit of de fotograaf gelijk heeft en probeer dan te schikken voor een redelijk bedrag. Hierbij kunt u terug vallen op jurisprudentie.

De fotograaf moet kunnen aantonen dat het inderdaad zijn foto is.

Op de foto moet auteursrecht rusten. Volgens jurisprudentie berust er geen auteursrecht op ‘banale’ en ‘triviale’ foto’s, die niet meer zijn dan een technische handeling.

De rekening van de fotograaf moet redelijk zijn. In een rechtszaak werd voor commercieel gebruik €100 inclusief btw toegewezen. Voor niet commercieel gebruik ligt de hoogte van dat bedrag veel lager.

De fotograaf kan in een rechtszaak maximaal 15% van het door de rechter voor het gebruik van een foto toegewezen bedrag, als incassokosten toegekend krijgen, mits er voorafgaande aan de rechtszaak veel correspondentie en/of telefoongesprekken werden verricht.

Vragen
Heeft u nog vragen of heeft u behoefte aan advies dan kunt u zich richten tot Brabants Heem bestuurslid Otte Strouken (ottestrouken@brabantsheem.nl).

Crowdsourcing maakt zeventiende-eeuwse kranten op Delpher beter doorzoekbaar,

Op Delpher, de website met historisch Nederlandse publicaties, is vanaf vandaag de transcriptie van 6000 Nederlandstalige kranten uit de 17e eeuw en een deel van de Tweede Wereldoorlogskranten doorzoekbaar.
Vrijwilligers hebben de afgelopen vijf jaar de krantenartikelen handmatig overgetikt en daarna het resultaat nog eens gecorrigeerd.
Het crowdsourcingproject is uitgevoerd als samenwerking tussen de KB, de nationale bibliotheek van Nederland, en het Meertens Instituut, onder leiding van senior-onderzoeker Nicoline van der Sijs.

De totstandkoming van deze aanwinst was een monsterklus: ruim 200 vrijwilligers hebben de afgelopen vijf jaar zo’n 6000 kranten, met maar liefst 18 miljoen woorden handmatig overgetikt.
Dankzij dit monnikenwerk kunnen gebruikers van Delpher voortaan veel gemakkelijker informatie vinden over bijvoorbeeld wolven of epidemieën in de zeventiende eeuw, en over de vele gevechtshandelingen in binnen- en buitenland.
Ook kunnen ze nazoeken welke producten uitgevers, makelaars en kwakzalvers in advertenties aanboden.

 20 mei 2020 •Bron: Persbericht KB

11.000 Bossche huizen 17de-19de eeuw online

Het overdragen of transporteren van een huis doe je tegenwoordig via de notaris.
Dat is zo sinds 1811. Vóór die tijd was het stads- of dorpsbestuur daarvoor de aangewezen instantie.
Bij de schepenen werden de transporten van onroerend goed geregistreerd.
Erfgoed ’s-Hertogenbosch heeft nu de akten van transport over de periode 1610-1838 online toegankelijk gemaakt.

Het gaat om ruim 11.400 records over onroerend goed binnen de vesting ’s-Hertogenbosch.
Ze leren ons veel over de omstandigheden van huizen en hun bezitters in de 17de, 18de en 19de eeuw.
We komen ook in die tijd al verschillende ‘huisjesmelkers’ tegen. 

Het online bestand is een soort ‘inhoudsopgave’ van, een toegang tot de akten.
Hier vind je de naam van de straat of steeg, de aard van het object, de omschrijving van de ligging en de namen van koper en verkoper.
Zo lezen we bijvoorbeeld dat op 25 april 1650 Lancelot Bruynlant zijn “huis, kookhuis, de kamerkens daarboven, erve, hof en achterhuis” gelegen aan de Sint-Jorisstraat verkocht aan Joris Jansen.
Het perceel werd aan de ene kant begrensd door Mayken Haselen, weduwe van mr. Rombouts van den Ybelaer en aan de andere kant door Aart Evert van Orthen met de zijnen. Voor liep de straat, achter het water.

De digitale toegang verwijst naar de originele akten uit het Bosch Protocol, de akten van de Bossche schepenen.
Hierin zijn meer details over de betreffende overdachten te vinden.
Deze akten zijn geheel gescand en ook online te raadplegen.
Ook zijn gegevens afkomstig uit de registers van de 60ste penning.
Dat was een door de stad tot 1809 geheven belasting op de overdracht van onroerend goed.
Bij de toegang is ook een hulpwijzer voor onderzoek beschikbaar.
De toegang op de transportakten is een van de vele die Erfgoed ’s-Hertogenbosch de afgelopen periode online heeft gezet.
Andere zijn die op ondertrouw, criminele vonnissen, inboedelinventarissen, borgbrieven en hinderwetvergunningen.

Zoeken
Om te zoeken in de transportakten ga je naar: zoeken.erfgoedshertogenbosch.nl.
Zorg dat alleen ‘Akten en registers’ is aangevinkt en kies bij ‘Soort akte’: transportakten binnen de vesting ’s-Hertogenbosch.

Aanvullend Rijksbeleid voor (materieel/immaterieel) erfgoed, 1 mei 2020

Naast het gericht aanwijzen van monumenten en de bescherming van erfgoed legt minister Van Engelshoven in haar Kamerbrief de nadruk op de bescherming van erfgoed door betekenisgeving: ‘het inzetten op het vertellen van verhalen van, voor en door de samenleving.
Wie de verhalen kent, wil deze graag doorgeven’.
Hiermee sluit de minister aan bij het Verdrag van Faro, dat specifiek gaat over verhalen en betekenissen die mensen aan erfgoed hechten.
Voor alle erfgoedthema’s wil de minister meer ruimte bieden voor het perspectief van vrijwilligers en betrokken burgers.
Dit slaat naadloos aan bij de opdracht van heemkunde De Plaets!

Expositie ‘Gegijzeld maar niet verslagen’

Kamp Beekvliet: gegijzeld maar niet verslagen, 20 april 2020 | Merel Spithoven

De expositie ‘Gegijzeld maar niet verslagen’ in de Beekvlietboerderij in Sint-Michielsgestel kan nog niet openen, maar is wel digitaal toegankelijk. De digitale expositie behandelt tien thema’s rondom de gijzelaars van Beekvliet, Haaren en de Ruwenberg. Thema’s als arrestatie, transport, het dagelijks leven en fusilleren komen aan bod.

Arrestatie
Op 4 mei 1942 ging vroeg in de morgen bij honderden Nederlandse mannen de voordeurbel. Er stonden Wehrmacht-soldaten voor de deur.‘Mitkommen!!’ De mannen moesten snel een koffertje pakken en de overvalwagen, tram of vrachtwagen in. Op de ‘waarom’-vraag kwam geen antwoord. De familie bleef in grote verwarring en grote onrust achter. De bestemming van de mannen was het kleinseminarie – internaat voor priesteropleiding – Beekvliet te Sint-Michielsgestel. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zaten kopstukken van ons land als gijzelaars gevangen in het kleinseminarie Beekvliet, het grootseminarie Haaren en het internaat De Ruwenberg. Zo’n 460 wetenschappers, schrijvers, musici, geestelijken en politici werden op 4 mei 1942 van hun bed gelicht en geïnterneerd in Kamp Beekvliet in Sint-Michielsgestel. Al eerder waren gijzelaars opgesloten in Kamp Haaren, later zouden ook nog gijzelaars in Kamp De Ruwenberg worden geïnterneerd.

Fusillade
De gegijzelden dienden als ‘borg’. De Duitse bezetters dachten het Nederlandse verzet hiermee onder controle te kunnen houden. Bij daden van verzet zouden gijzelaars gefusilleerd worden. Op 15 augustus 1942 gebeurde dit voor de eerste keer. De aanleiding was een bomaanslag op een Duitse trein in Rotterdam. Er werden drie gijzelaars uit Kamp Sint-Michielsgestel en twee gijzelaars uit Kamp Haaren als represaille in Goirle geëxecuteerd. De executies hadden in de samenleving niet het door de Duitsers gewenste effect. De Nederlandse bevolking reageerde verontwaardigd en werd juist gesterkt in haar gevoel dat verzet noodzakelijk was. Dat besef werd nog sterker nadat op 16 oktober 1942 bij Woudenberg nog eens drie gijzelaars werden gefusilleerd. De gegijzelden leefden voortdurend in angst. Ze wisten nooit wie de volgenden zouden zijn en wanneer.

Verblijf
Als gijzelaar kon je terechtkomen op een kamer of een chambrette. Op een kamer had je minder privacy, maar beschikte wel over wat meer ruimte. Een chambrette was klein met soms een enkel bed, maar vaak ook met een stapelbed of met veel chambrettes op één grote slaapzaal. Vaak werden deze ruimtes niet alleen gebruikt voor de nachtrust, maar ook voor de rust overdag. Zo werd er gediscussieerd, geschaakt en gekookt.

Dagelijks leven
De dagelijkse gang van zaken was niet zoals in een gevangenis. Er was geen verplichte arbeid en ruim voldoende te eten. Ieder maakte zijn eigen dagindeling. Er was een opgewekt, schoon opgeschroefd geestelijk leven. Familie en vrienden, maar ook onbekende belangstellenden, overstelpten de gijzelaars met pakketten. Binnen de muren van het kamp waren de gijzelaars er al vanaf de eerste dagen in geslaagd om zelf regels te maken. Ze creëerden voor zichzelf een eigen speelruimte. Een groot deel van het dagelijks leven was erop gericht de verveling tegen te gaan. Huishoudelijk werk was noodzakelijk, maar daarnaast was er ook grote aandacht voor het onderhouden van de eigen kennis en kunde. Zo bleven ze actief in het eigen vak, beroep of functie. Daardoor ontstond de Beekvliet Volksuniversiteit, waar gegijzelde hoogleraren en andere docenten colleges en lessen gaven. Daarnaast was er een uitgebreid algemeen programma van lezingen, toneel, cabaret en muziekuitvoeringen. In de tuinen kon gevoetbald worden en de gijzelaars hebben er zelfs hun eigen tennisbaan aangelegd.

De Geest van het Gestel
Een belangrijk element in het leven van de gijzelaars waren de ‘geruchtenbankjes’ in de tuinen. Alleen daar konden de gijzelaars vrijuit informatie uitwisselen. Nederland was destijds nog zeer in hokjes en zuilen georganiseerd. In Kamp Beekvliet bevonden mannen met heel verschillende achtergronden zich plotseling en langdurig gedwongen in elkaars gezelschap. Om het samenleven draaglijk te maken organiseerden zij discussieavonden, sportevenementen, concerten en cursussen. Hierdoor ontstond wederzijds begrip en bloeiden vriendschappen op. Er ontstegen plannen voor de toekomst en de bestaande zuilen. De gegijzelde politici vonden elkaar hier ook. Vanuit hen is de zogenaamde ‘Geest van het Gestel’ ontstaan: gedachten over het anders inrichten van de samenleving. De gewenste ontzuiling is er niet gekomen, wel vervulden belangrijke kopstukken uit de Beekvliettijd later hoge functies in ons politieke bestel. Zo was de oprichting van de PvdA een direct uitvloeisel van die Beekvliet-gesprekken.

Digitale expositie
Deze expositie is enerzijds het verhaal van verbroedering en vriendschap die konden ontstaan ondanks de dagelijkse dreiging. Anderzijds staat het verhaal symbool voor het overbruggen van verschillen, leidend tot eenheid en verbondenheid in het hele land. De geschiedenis van gijzeling en de diepere betekenis van vrijheid is daarmee nu nog steeds actueel en relevant.

Dit verhaal is gebaseerd op het onderzoek verricht voor de expositie Gegijzeld maar niet verslagen.
Bekijk de digitale expositie op: https://gijzelaarskampbeekvliet.nl/digitale-expositie/.

Landgoed Beekvliet

De Erfgoedstem

Archief AD (én 150.000 andere kranten) toegevoegd aan Delpher
https://www.delpher.nl/

22 april 2020 • 16 • Door Redactie • Bron: Persbericht Koninklijke Bibliotheek
Ruim 160.000 gedigitaliseerde kranten zijn vandaag toegevoegd aan Delpher, de website met historische Nederlandse publicaties. Het gaat om de grootste aanvulling kranten in zo’n vier jaar tijd. Opvallend is de toevoeging van het AD, waarmee Delpher opnieuw een grote, landelijke krant aan de database toevoegt. In totaal bevat Delpher nu ruim 1,7 miljoen kranten, en zo’n 14 miljoen krantenpagina’s.

Van de 70 titels die zijn toegevoegd, maken bijna 60 titels voor het eerst hun in opwachting in Delpher. Naast het AD en andere regionale kranten gaat het hier om bijvoorbeeld elf Indonesische titels, zoals de Sumatra-Bode (1902-1937) en De Nieuwe Vorstenlanden (1883-1930). Andere opvallende toevoegingen zijn Het Binnenhof (1945-1960), het Belgisch Dagblad (1915-1918), bedoeld voor Belgische vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog, en het Centraal blad voor Israelieten in Nederland (1886-1940). De kranten zijn onder meer afkomstig van het Museum Hoeksche Waard, de Universiteitsbibliotheek Amsterdam en de KB, de nationale bibliotheek.

Bijzondere toevoeging
Maaike Napolitano, coördinator van Delpher bij de KB, vindt dat het sowieso om een bijzondere toevoeging gaat: ‘In de eerste plaats ontbrak het AD nog in onze collectie grote naoorlogse kranten. Daar is nu een einde aan gekomen: maar liefst 16.500 krantenafleveringen van het AD zijn vanaf vandaag in Delpher te doorzoeken.’

Een ander bijzonder aspect van deze toevoeging is dat er voor het eerst kranten uit de 21ste eeuw bij zitten: de meest recente edities zijn namelijk uit 2005. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat de kranten uit de periode 1995-2005 om auteursrechtelijke redenen niet online verschijnen; deze kunnen alleen in de KB zelf worden ingezien. Omdat de KB momenteel gesloten is vanwege de coronacrisis, zullen mensen die in deze edities geïnteresseerd zijn helaas nog even geduld moeten hebben.

Digitalisering historische kranten
Om belangrijk cultureel erfgoed duurzaam voor de toekomst te bewaren en voor een breed publiek toegankelijk te maken, worden vele papieren bronnen gedigitaliseerd door de KB. De website Delpher is ontwikkeld door de KB en de universiteitsbibliotheken van Leiden, Utrecht, Amsterdam en Groningen om deze bronnen te ontsluiten. Er staan tientallen miljoen pagina’s uit boeken, kranten en tijdschriften op en er worden continu nieuwe collecties toegevoegd. Delpher is hierdoor een onmisbare bron voor wetenschappers, genealogen, docenten en journalisten.

Bekijk het nieuwe materiaal op Delpher
https://www.delpher.nl/

Erfgoed jong.

Dit betreft een jongerennetwerk/platform in de leeftijd van 18-30 jaar met interesse in én een mening over (immaterieel) erfgoed.
Zij kunnen elkaar contacten en samenwerken.
Dit netwerk kan ook de functie van denktank vervullen voor organisaties die behoefte hebben aan een jonge en frisse blik.
Meer info op www.erfgoedjong.com
Mee doen? Mail naar: erfgoedjong@gmail.com